Tabellen
Onderzoek naar slootdiertjes wordt extra leuk als je ook weet hoe de dieren heten. Door een naam aan een gevonden dier te kunnen geven, gaat het dier meer voor je leven en gaat het onthouden van de naam ook makkelijker. Ik weet nog dat ik voor het eerst zelf met een tabel aan de slag moest en een schaaltje met verschillende soorten waterslakken op naam moest brengen. Het duurde een halve dag (het ging om een stuk of 10 verschillende soorten) en de miskleunen waren talrijk. Toen ik na veel moeite dacht alle soorten wel benoemd te hebben, sorteerde mijn begeleider de verschillende individuen naar soort uit en bleek ik de helft gemist te hebben. Dat was vooral een gevolg van slordig werken, de tabellen niet goed lezen en te snel besluiten dat een kenmerk wel klopte.

Daarom hier een aantal aanbevelingen om de tabel correct te gebruiken.

  • Goed en grondig kijken, het liefst met een sterke loupe (of beter, met een stereomicroscoop) is van groot belang.
  • Lees eerst de verschillende mogelijkheden waaruit gekozen moet worden.
  • Kijk naar de plaatjes die bij de desbetreffende keus horen. Vaak is alleen al door goed de plaatjes te bekijken het mogelijk bij de juiste groep uit te komen.
  • Lees en kijk letterlijk. Daarmee bedoel ik dat als er bijvoorbeeld staat 'lamellen' (dus plaatachtige dingen) er geen draden bedoeld worden. Dit is het onderscheid tussen de larven van libellen en van eendagsvliegen (haften), een veel voorkomend probleemgeval. Jammer genoeg hebben een aantal haftensoorten haren aan hun staartdraden, waardoor het inderdaad lijkt of het lamellen zijn. De plaatjes in de tabel laten het verschil duidelijk zien.
Dus lees goed en kijk goed. Succes